Homepage van Cyril Lansink

Direct naar inhoud

Menu
Home
Freelansink
Cyril Lansink
Contact
Cyril Lansink
cyril.lansink@hetnet.nl
Teksten
boekrecensies
de fiets
essays/artikelen
kindergedichten
taalkruimels
weblog
interviews

De redelijkheid van emoties

'Ik begrijp de emoties van de betrokkenen, maar....' Voor politici, bedrijfssaneerders en andere mensen die pijnlijke beslissingen willen verdedigen is dit een gevleugelde uitdrukking. Hoe onschuldig de uitdrukking ook klinkt, impliciet bevat ze een niet mis te verstane boodschap: als je de juiste maatregelen wilt treffen dan moet je rationeel zijn en je niet laten leiden door sentimenten. Emotionaliteit moet het afleggen tegen rationaliteit. 'Maar we moeten wel redelijk zijn', zo vervolgt de bewindsman of de manager die zelf natuurlijk de redelijkheid zelve is. In feite wordt op die manier de emotionele mens als een klein kind in de hoek gezet. Hij wordt 'begrepen' maar heeft eigenlijk geen recht van spreken, tenminste zolang hij nog spreekt vanuit zijn emoties.

De tegenstelling en de hiërarchie tussen de rede en de emotie heeft oude (filosofische) wortels. Denkers als Plato en in de moderne tijd Descartes legden de basis voor een mensbeeld dat ons nog steeds vertrouwd is. Emoties en passies zijn daarin onbetrouwbare bewegingen van de ziel die echte objectieve kennis van de werkelijkheid onmogelijk maken. Als er al kennis met emoties verbonden is dan is die louter subjectief en even labiel als de emoties zelf. Het is de rede die de mens de wereld doet begrijpen. Emoties hebben in deze opvatting geen eigen rationaliteit maar vormen veeleer het primitieve, het irrationele in de mens. Met zijn redelijkheid kan en moet de mens dit irrationele in toom houden en reguleren. Pas als ze beheerst en overheerst worden door de rede krijgen de emoties zelf iets 'redelijks'.

Dat de hier geschetste oppositie tussen emotie en ratio, tussen voelen en denken tot de common sense behoort, blijkt op vele manieren. Mensen zoeken niet zelden een excuus voor hun daden door te verwijzen naar hun emoties. 'Ik was te emotioneel en daarom wist ik niet meer goed wat ik deed.' Anderen worden geprezen omdat ze in emotionele omstandigheden het hoofd koel hielden en het overzicht bewaarden. En met de regelmaat van een verschijnend damesblad worden we eraan herinnerd dat mannen (meer) rationeel en vrouwen (meer) emotioneel zijn.

Als Daniel Goleman zijn begrip emotionele intelligentie uitwerkt dan blijkt het vooral te gaan om het vermogen om je niet door te gevoelens van woede, jaloezie en depressie te laten gijzelen maar ze als het ware hanteerbaar te maken door het denken. Zelfregulatie, zelfbeheersing zijn de toverwoorden. Gevoelens zijn goed - we moeten ze niet wegstoppen -, maar we moeten ons er ook niet aan onderwerpen. We mogen dan geen controle hebben over 'wanneer emotie ons overspoelt en welke emotie het is. Maar we hebben wel iets te zeggen over hoe lang een emotie aanhoudt', aldus de bekendste emotiegoeroe. Ook bij hem is de emoties op zich niet meer dan heftige affectieve reacties op een situatie die pas in tweede instantie, gecontroleerd en rationeel ingedamd, een 'sleutel tot succes' kan blijken te zijn. Emotionele intelligentie is niet veel meer dan de klassieke zelfbeheersing in een modern zelfontplooiings-jasje.

Deze intelligentie is ook vereist op de werkvloer. Met huilen van machteloosheid en schreeuwen van woede gooi je als werknemer én werkgever je carrièreglazen in. Wie zijn emoties niet de baas is, zal niet snel de baas worden. Emotiemanagement is een must, ook en juist voor managers. Emotionaliteit mag dan een teken van betrokkenheid zijn, belangrijker is dat een emotioneel iemand zijn labiliteit verraadt en daarmee een kwetsbare schakel wordt in een efficiënte bedrijfsvoering.

Hoe herkenbaar dit denken over emoties ook is, het is eenzijdig en misleidend. Door emotionaliteit aldus tegenover rationaliteit te plaatsen ontstaat een valse tegenstelling. Wat vergeten wordt is het cognitieve aspect in de emotie zelf. Een emotie is meer dan een innerlijk subjectief gevoel met de expressie daarvan in lichamelijke veranderingen (rood worden van schaamte, trillen van woede, zweten van angst) of in bepaald gedrag (wegvluchten, schelden, juichen) als reactie op een gebeurtenis of situatie. Een emotie is ook en misschien wel op de eerste plaats een evaluatief oordeel over die gebeurtenis of situatie. In woede, verdriet, jaloezie en angst wordt niet alleen 'van binnen' iets gevoeld, maar ook de werkelijkheid 'buiten' gekend en gewaardeerd. Iemand die jaloers is claimt dat iemand anders zijn geliefde probeert in te palmen en ervaart dat als een bedreiging voor hun relatie en als een aantasting van zijn eigenwaarde. Iemand die verdrietig is is ervan overtuigd iets waardevols of iemand van betekenis te hebben verloren. En iemand die verontwaardigd is meent dat hem, zijn dierbaren of iets dat voor hem van waarde is willens en wetens onrecht is aangedaan of anderszins is beschadigd. Deze jaloezie, dit verdriet en deze verontwaardiging worden door verschillende mensen op verschillende manieren gevoeld en geuit. Toch kunnen we ze allen als jaloers, verdrietig of verontwaardigd kenschetsen, omdat eenzelfde evaluatieve kennis aan hun gevoelens en uitingen ten grondslag ligt.

In deze opvatting worden emoties dus al onmiddellijk gekenmerkt door rationaliteit - de rationaliteit van de directe betrokkenheid bij een waarde of betekenis. Dat emoties rationeel zijn betekent dat we niet zomaar iets voelen maar dat ze gerechtvaardigd worden door redenen. Emotie is een gevoel met reden. Het zijn de redenen die de emoties definiëren en onderscheiden van andere emoties en niet-emotionele, puur lichamelijke gevoelens. Bij iemand die woedend is zou men een hogere hartslag en een verhoogde adrenalinespiegel kunnen meten. Maar het is absurd de emotie woede uit die lichamelijke kenmerken af te leiden of erger nog, ze tot die kenmerken te herleiden. Ook verliefdheid of een explosieve demarrage op de fiets kunnen het hart op hol doen slaan. Dat emoties vaak gepaard gaan met lichamelijke veranderingen wil nog niet zeggen dat we die emoties begrijpen door die lichamelijke veranderingen: iets wat populair gebracht neuro-wetenschappelijk onderzoek ons nog wel eens wil doen geloven. Weten we wat de emotie boosheid is als is aangetoond dat met die emotie een toegenomen activiteit in een bepaald stukje van onze hersenkwab gepaard gaat? Is het raadsel van de verliefdheid opgelost of dichterbij gebracht als wetenschappers hebben ontdekt dat dit gevoel te situeren is in een minuscuul stukje in ons hoofd? Gelukkig niet. Iemand die verliefd is, zal zich misschien verwonderd afvragen 'waarom op hem?'. Ze zal er waarschijnlijk niet helemaal uitkomen maar zal zeker geen genoegen nemen met een neuro-wetenschappelijke verklaring. Ze vraagt naar redenen, niet naar materiële oorzaken of symptomen.

Als het inderdaad waar is dat emoties onlosmakelijk verbonden zijn met redenen en dus met een oordeelsvermogen zijn we er ook in zekere zin verantwoordelijk voor. Dat we, zoals dat heet, overmand kunnen zijn door emoties, in huilen uit kunnen barsten en overvallen kunnen worden door angst, suggereert dat emoties ons louter overkomen en wij er passief tegenover staan. De passiviteit betreft echter vooral de lichamelijke uiting van de emoties. We kunnen misschien niet verhinderen dat we plots blozen van opwinding of schaamte. Maar dat neemt niet weg dat we zelf wel degelijk een actieve rol spelen in het optreden van die emoties: de opwinding of de schaamte hangt af van onze interpretatie van de situatie waarin we ons bevinden. Of we zullen blozen hebben we nauwelijks in de hand. Maar de inschatting van de situatie die ons doet blozen is wel degelijk van onszelf afhankelijk.

De redelijkheid van emoties verklaart ook waarom ze verdwijnen en veranderen. Als de reden wegvalt valt de basis onder de emotie weg en daarmee meestal de emotie ook. Anders zien of oordelen doet anders voelen. (Omgekeerd is trouwens ook waar.) De spijt die iemand voelt omdat hij een 'leuk' meisje in een café niet heeft durven aanspreken verdwijnt waarschijnlijk op het moment dat hij er achter komt dat zij de vreselijkste roddels over hem verspreidt. Verachting komt er wellicht voor in de plaats. Boosheid en zelfmedelijden dat iemand niet op een afspraak verschijnt en je een uur voor niets heeft laten wachten, verdwijnt als blijkt dat die persoon bij een ernstig ongeluk is betrokken en naar het ziekenhuis is vervoerd. De nieuwe kennis, de andere situatie kunnen leiden tot schaamte om die boosheid en dat zelfmedelijden. En jaloezie die een hersenschim bleek te zijn (de naam van de vrouw in zijn agenda was die van de contactpersoon van de LOI-cursus die manlief wil gaan volgen) kan de gevoelens van verliefdheid weer doen opflakkeren (of juist weer doen verzwakken!).

Emoties zijn veranderbaar en beïnvloedbaar. Ze zijn vatbaar voor rede, omdat ze zelf intrinsiek rationeel zijn. Maar juist dat impliceert ook dat we in een aantal gevallen kunnen spreken van onredelijke of onterechte emoties. Niet omdat emotionaliteit de antithese vormt van rationaliteit zoals de common sense wil, maar omdat ze zelf een vorm van rationaliteit is, kan ze ook als irrationeel verschijnen. Emoties moeten passen bij de reden; de redelijke emotie heeft een goede reden. Maar we weten allen dat mensen zich vaak laten motiveren door slechte redenen, in hun gedrag en in hun gevoelsleven. De buitensporige woede om iets futiels, de panische angst om een dreiging die helemaal niet bestaat, de ziekelijke jaloezie die elke beweging van de geliefde met argusogen gadeslaat (en daarmee de liefde vernietigt die ze zo krampachtig probeert te beschermen) - dat kunnen met recht irrationele emoties genoemd worden.

Of de redenen voor de emotie goed zijn, is niet altijd even gemakkelijk vast te stellen. Uitsluitsel daarover wordt echter meestal niet alleen door de emotionele persoon zelf gegeven. We hoeven niet te voelen wat anderen voelen om toch kritisch te kunnen staan tegenover hun emoties. Omdat we bijvoorbeeld vinden dat hun emoties in geen verhouding staan tot de waarden die ermee gemoeid zijn of omdat we die waarden zelf ter discussie stellen. Emotie is in die zin niet puur subjectief. Ze laat zich met intersubjectieve criteria onderzoeken. Op grond daarvan is het mogelijk emoties als kinderachtig, buitenproportioneel, oppervlakkig, hysterisch, hypocriet, ongepast of moreel verwerpelijk te kwalificeren.

Verschenen in Intermediair 21, 2001